Interview Marie-Louise van Mook, provincie Noord-Brabant

“Gezondheid gaat verder dan afwezigheid van ziekte: Naast lichamelijk en mentaal welbevinden wegen ook zingeving, kwaliteit van leven, sociaal maatschappelijk participeren en je dagelijks functioneren mee.”

Marie-Louise van Mook is programmamanager Gezondheid bij de provincie Noord-Brabant. “Samen met haar team en met de partners werkt ze aan het ambitieuze doel: 3 gezonde levensjaren erbij voor iedere Brabander. Bouw jij ook mee?”

Gezondheid is een belangrijk thema voor de provincie Noord-Brabant. De provincie kent ook een aantal gezondheidsuitdagingen door de combinatie van intensieve benutting van ruimte en klimaatverandering. Zo zorgen verstedelijking en verstening voor meer hittestress en smog. De luchtkwaliteit in Brabant is de afgelopen jaren verbeterd, maar is nog steeds slechter dan in andere provincies. Door klimaatverandering, maar ook de nabijheid van mens en dier neemt het risico op zoönosen toe. Ook gaat de kwaliteit van de natuur achteruit, onder andere door stikstof en verdroging.

Beleidskader Gezondheid

Gezondheid is al lang een belangrijke pijler in het beleid van de provincie Noord-Brabant. In allerlei programma’s wordt er aandacht aan besteed, vertelt Marie-Louise van Mook. “Maar met het Beleidskader Gezondheid, gebeurt het meer in samenhang en vanuit een gezamenlijke ambitie.” In het Beleidskader Gezondheid, dat loopt van 2021 tot 2030, schetst de provincie hoe ze die drie jaren erbij voor iedere Brabander verwacht te halen. “Dat lukt de provincie nooit alleen. We willen hier met zoveel mogelijk partners mee aan de slag. Daarom wil de provincie een faciliterende en verbindende rol spelen om samen aan de slag te gaan met deze ambitie.”

Het Beleidskader Gezondheid is op 3 december 2021 vastgesteld door Provinciale Staten. Positieve gezondheid is daarin het uitgangspunt. “Gezondheid gaat verder dan afwezigheid van ziekte: Naast lichamelijk en mentaal welbevinden wegen ook zingeving, kwaliteit van leven, sociaal maatschappelijk participeren en je dagelijks functioneren mee”, licht Marie-Louise van Mook toe.

Ze geeft een voorbeeld van een recente mooie samenwerking tussen de ggz-instellingen, het IVN en Nature For Health, waarin ook de provincie participeert. “Ggz-instellingen zijn vaak gelegen in een groene omgeving. Al het groen van de Brabantse ggz-instellingen bij elkaar zijn goed voor drie nationale parken. Als we dat groen beter ontwikkelen, is dat helend voor de natuur, voor de mensen die er verblijven, maar ook voor de medewerkers en de omgeving.” Een ander goed voorbeeld is het onderzoek van PON & Telos, de B5 en de waterschappen naar ontwerpprincipes van gezonde verstedelijking.

Ook beleidsmatig zijn de eerste stappen gezet: “Nieuwe statenbesluiten mogen geen negatieve gezondheidseffecten meer hebben. Onder aan de streep moet het positief zijn. Eventuele negatieve effecten worden elders gecompenseerd.”

Bron: De stad als gezonde habitait van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur

Instrumenten Omgevingswet

Omgevingsdiensten kunnen een actieve bijdrage leveren in het behalen van de ambitie, volgens Marie-Louise van Mook. “We onderzoeken hoe we de instrumenten van de Omgevingswet maximaal kunnen inzetten. Er wordt nu getoetst op milieunormen, geur, geluid en luchtkwaliteit en gevaarlijke stoffen, maar kun je een plan ook breder beoordelen en er gezondheidskwaliteit aan toevoegen? In dialoog met de omgevingsdiensten gaan we kijken hoe we er een concreet werkbaar iets van kunnen maken.”