4. PLAN VOOR DE WONING
De bewoners zijn nu aan de slag om de basis op orde te brengen en de bondgenoot helpt hen bij het maken van een plan voor het vervolg: de woning stapsgewijs aardgasvrij maken. Dit plan kan de bewoner verder in detail uitwerken, waar nodig met ondersteuning van de bondgenoot. Het idee is: ‘het beste plan maakt de bewoner zelf, maar er is hulp nodig om dat plan te maken’.

Het plan voor de woning bestaat uit de volgende onderdelen:
Basis op orde brengen. Terwijl je werkt aan de kleine maatregelen om het huis energiezuinig te maken, ga je een plan opstellen om de woning aardgasvrij te maken.
- Ventilatie verbeteren: a. Bestaande ventilatiesysteem beter/slimmer gebruiken (korte termijn) b. Ventilatiesysteem aanpassen (lange termijn, bijvoorbeeld met balansventilatie)
- Isoleren en glas vervangen waar nodig (eventueel in combinatie met onderhoud, bijvoorbeeld glas en kozijnen vervangen). Hierbij is het belangrijk om vooraf te weten wat de gemeente van plan is met de wijk. Komt er een collectieve warmteoplossing, dan hoeft er wellicht minder ingrijpend geïsoleerd te worden dan met een individuele warmtepomp.
- Oefenen met de cv-ketel temperatuur op 40 graden. Wordt de woning niet comfortabel warm, dan het afgiftesysteem aanpassen (laagtemperatuur-radiatoren en/of vloerverwarming).
- Stap over op een duurzame energievoorziening (zonnepanelen, warmtepomp, warmtenet, batterij, enz.).
Opmerkingen
- Het stappenplan beschrijft een logische volgorde van verduurzamingsmaatregelen. In de praktijk zal een bewoner regelmatig de stappen in een andere volgorde zetten. Dat is niet erg, zolang het helder is hoe de stappen samenhangen.
- Bij alle stappen in het plan kan de bewoner proberen de aanvoertemperatuur van de cv-ketel te verlagen. Lukt het om na Stap 3 de woning comfortabel te verwarmen met de cv-ketel op 40 graden, dan is de woning gereed voor de laatste stap naar aardgasvrij.
- Als de bewoner bij Stap 3 en 4 aankomt, is het belangrijk te weten of er een collectief energiesysteem voor de wijk komt en wanneer dat klaar is. Met een warmtenet hoeft de woning minder goed geïsoleerd te worden dan met een individuele warmtepomp.
- Er zijn drie mogelijkheden om te bepalen wat het effect van verschillende duurzaamheidsmaatregelen is: a. Een maatwerkadvies of warmteverliesberekening laten uitvoeren. b. De woning isoleren volgens de minimale waarden voor muren, glas, dak en vloer. Als deze waarden allemaal worden gerealiseerd (geen uitgezonderd) is de woning in veel gevallen voldoende geïsoleerd om de stap naar aardgasvrij te kunnen maken. Soms is het ingewikkeld en kostbaar om voor bepaalde onderdelen deze waarden te realiseren, en dan wordt het puzzelen hoe de standaardwaarde te realiseren. Vaak kan een warmteverliesberekening dan uitkomst bieden c. Maatregelen in de meest logische volgorde nemen en na iedere stap de aanvoertemperatuur van de cv-ketel verlagen.
- Een groot deel van het plan is specifiek voor de bewoners, dus als iemand verhuist, moet je eigenlijk opnieuw beginnen met de nieuwe bewoner in dat huis.
Elke werkwijze heeft voor- en nadelen. De bondgenoot kan inschatten welke benadering het beste past bij de woning en haar bewoners.


Warmteverlies-berekening
Op basis van een uitgebreide woningopname kan een warmteverliesberekening worden gemaakt: hiermee stel je vast hoeveel energie een woning verliest via ramen, muren, daken, vloeren en ventilatie. Dit helpt om de potentiële energiebesparing in te schatten en geeft inzicht in het nut (en terugverdientijd) van maatregelen om de woning energiezuinig te maken.
Interactie over het energieplan
Bij het uitwerken van het plan kan de bewoner een beroep doen op de bondgenoot. Deze ondersteuning wordt digitaal of telefonisch geleverd, we gaan ervan uit dat de bondgenoot de woning slechts eenmaal bezoekt. Het is van belang dat de bondgenoot de bewoner kent en deze blijft volgen in de bewonersreis. Zoekt de bewoner niet uit zichzelf contact, dan is het raadzaam dat de bondgenoot na verloop van tijd zelf contact zoekt en vraagt of ondersteuning gewenst is.
Collectief bespreken
In een gebied waar verschillende woningeigenaren in eenzelfde periode een plan voor de woning maken, is er doorgaans veel animo om tijdens een gezamenlijke bijeenkomst de resultaten te bespreken en volgende acties af te stemmen. We merken daar ook dat het plan nog best om toelichting vraagt en dat het gesprek erover (individueel of collectief) helpt om de stappen om maatregelen te nemen te prioriteren en daadwerkelijk aan de slag te gaan.
Kostenraming en financieel plannen
Als bekend is welke maatregelen er nodig zijn, wordt indien nodig een raming van de kosten gemaakt, in eerste instantie is dat een schatting op basis van gemiddelde marktprijzen. Daarbij wordt ook aangegeven welke subsidies er beschikbaar zijn. De bewoner krijgt daarmee inzicht in de orde van grootte van de totale kosten. Met een warmteverliesberekening kan worden geschat welke besparingen op het energiegebruik de investeringen opleveren.
Een schatting van de kosten geeft de mogelijkheid om de aanpassingen financieel te plannen, in relatie tot andere grote uitgaven die het huishouden moet doen. Ook voor het aanvragen van financiering via SVn of het Warmtefonds is een overzicht van alle te nemen maatregelen wenselijk. In Stap 5 wordt uitgebreid stilgestaan bij de financiële mogelijkheden.
Zolder kierdicht maken kost honderd tot zesduizend euro
Soms is het lastig om te bepalen welke maatregelen zinvol zijn. Een hoekwoning uit 1975 wordt bewoond door een ouder stel (zeventigers). Per jaar verbruiken zij elfhonderd kubieke meter aardgas. Ze willen graag van het aardgas af, maar hun investeringsbudget is beperkt. De woning is matig kierdicht. De meeste warmte lekt weg via kieren in het dak. Er zijn drie opties: de deur naar de zolder kierdicht maken (dit kost minder dan honderd euro), kieren in het dak dichten (voor duizend euro) of het dak extra isoleren vanaf de binnenzijde, waarmee ook de isolatiewaarde van het dak flink stijgt (een investering van zesduizend euro). In alle drie de gevallen is deze woning daarna klaar voor een warmtepomp. De investering van zesduizend euro leidt waarschijnlijk tot een meerwaarde van de woning bij verkoop en een beter rendement van de warmtepomp.
Waarom een plan maken en niet gewoon aan de slag gaan?
Met een einddoel in zicht is het gemakkelijker stappen te zetten en vol te houden. De bewoner heeft voor zichzelf een doel gesteld. Het plan helpt hem om in behapbare stappen bij dat doel te komen. Hiermee krijgt de bewoner grip op het proces. Mensen die autonomie (‘ik heb dit zelf besloten’) en controle (‘ik weet hoe ik dit voor elkaar kan krijgen’) hebben, voelen zich zelfverzekerder, ervaren minder stress en komen makkelijker in actie.
In het plan houdt de bewoner rekening met de ‘samenhang der dingen’: hij zet de verduurzamingsmaatregelen naast andere woonwensen. Bijvoorbeeld de zolder verbouwen zodat de kinderen hun eigen kamers kunnen krijgen, de uitbouw benutten zodat er gelijkvloers gewoond kan worden, of het groot onderhoud waarbij de dakbedekking en de kozijnen vervangen moeten worden. Zo voorkomt hij ook dat hij spijt krijgt van maatregelen, bijvoorbeeld omdat hij de verkeerde keuzes maakt.
De bewoner kan hier kansen koppelen:
- Bij het vervangen van kozijnen: meteen goed isolatieglas installeren en de keuze maken voor ventilatieroosters of juist niet omdat in het plan rekening is gehouden met een ventilatiesysteem.
- Bij het uitbouwen beneden: een nieuwe geïsoleerde vloer met vloerverwarming aanleggen.
- Extra zolderruimte: ruimte maken voor (toekomstige) technische installaties zoals een warmtepomp of een ventilatiesysteem.
Tops
- Bied duidelijkheid over het toekomstig energiesysteem in de wijk, zodat bewoners hier rekening mee kunnen houden in hun plan.
- Bied bewoners onafhankelijke ondersteuning bij het maken van een eigen plan.
- Zorg voor voldoende capaciteit in begeleiding, want het kost veel tijd om samen met de bewoner een goed plan op te stellen.
Flops
- Alleen uitgaan van de woning en deze niet zien in relatie tot het energiesysteem in de wijk.
- Bewoners verwijzen naar een marktpartij zonder transparant te zijn over de rol daarvan (advies of verkoop).
- Beperkte capaciteit inzetten op de verkeerde doelgroep: mensen die willen en kunnen.