REISDOEL

Langs de A16 draaien de komende vijfentwintig jaar 28 windmolens. Een kwart van het rendement van deze molens komt ten goede aan de omgeving. Het geld is bestemd voor het besparen en opwekken van energie. Hoe dat het beste kan, bepaalt de omgeving. Alle partijen werken samen in één organisatie, Energie A16. Vanuit deze organisatie is het project Slimme Stappen opgezet om in de praktijk te leren hoe woningeigenaren het beste ondersteund kunnen worden bij het verduurzamen van hun woning. Dit project is gefinancierd met een Europese subsidie (OPZuid) en gecofinancierd door de gemeenten Moerdijk, Drimmelen, Breda en Zundert en de provincie Noord-Brabant.

Uitgangspunt: lokale energie agenda's

Hoe de inkomsten uit de windmolens de komende jaren het beste lokaal ingezet kunnen worden, is door omwonenden uit de vier betrokken gemeenten uitgewerkt in lokale energie agenda's (LEA’s). De bewoners zien het isoleren van woningen en het zelf opwekken van duurzame energie als prioriteiten. In de LEA’s staat verder dat de inkomsten uit de windmolens zo moeten worden ingezet dat iedereen mee kan doen en dat er een goede verdeling is tussen de lusten en de lasten. De opbrengsten van de gezamenlijke projecten worden weer ingezet in nieuwe projecten om zo de energietransitie te versnellen.

In 2020 stelden de bewoners uit de omgeving van de A16 voor om te experimenteren met het isoleren van woningen, het installeren van zonnepanelen op individuele daken, het aanleggen van collectieve zonnedaken en de verduurzaming van maatschappelijk belangrijke gebouwen. Omdat dit sociaal belangrijke projecten zijn, zijn we ze sleutelprojecten gaan noemen.

Voortbordurend op de wensen van de bewoners van het gebied langs de A16 heeft het project Slimme Stappen twee concepten onderzocht: een one-stop-shop om individuele woningen te verduurzamen en collectieve projecten waar de gemeenschap baat bij heeft.

One-stop-shop

Het aardgasvrij maken van een woning is complex. Bij de meeste woningeigenaren ontbreekt het aan inzicht en kennis. ‘De markt’ biedt ook niet de juiste oplossingen (anders was het al gedaan). En lang niet alle mensen hebben voldoende geld. Daarom is onderzocht hoe de bewoners volledig ontzorgd kunnen worden met een one-stop-shop. Het idee is dat eigenaren hun woning kunnen verduurzamen zonder dat ze zelf hoeven te investeren. De financiering komt in de vorm van een huurconstructie. De woningeigenaar betaalt een maandelijkse huur en zodra de verhuurorganisatie de investering heeft terugverdiend, kan het eigendom van de materialen worden overgedragen voor bijvoorbeeld een euro (formeel heet dit: huur met recht van koop). De bewoners houden hierbij mogelijk geld over, wanneer de besparing op de energierekening hoger is dan het huurbedrag. Om de keuze eenvoudig te houden, zou er gewerkt worden met standaardpakketten voor het verduurzamen van woningen, afkomstig van lokale aanbieders.

Hefboom

Door de rendementen uit de windmolens te gebruiken als risicodragend vermogen kan (veel) extra geld worden aangetrokken met een bankfinanciering. Zo creëer je een hefboom, waarmee je een fors investeringskapitaal (van honderd miljoen euro of meer) bij elkaar kunt brengen en zo veel meer huishoudens in de A16-zone kunt ontzorgen. Door het zo te organiseren dat de investeringen zichzelf terugverdienen, kan het geld opnieuw worden ingezet voor nieuwe deelnemers. Dit noemen we revolverend organiseren. Het leidend principe ‘iedereen kan meedoen’ wordt hiermee ingevuld.

Collectieve projecten

In de lokale energie agenda's stond dat bewoners ook wilden investeren in de opwekking van energie. Omdat niet iedereen een geschikt dak heeft waar zonnepanelen op passen, gingen we op zoek naar de mogelijkheden om collectieve zonneprojecten te starten. Hiervoor zou in de vier gemeenten een speciale organisatie worden opgezet. Dankzij deze constructie zou de investering voor de deelnemers laag blijven. Deze aanpak was elders al succesvol.

Helaas gooide een overvol energienet roet in het eten. Er bleek geen ruimte meer te zijn voor het aansluiten van nieuwe zonnedaken met een grootverbruik-aansluiting. Toen is gekeken of het mogelijk was om de aansluitingen van de windmolens te delen (cable pooling). Ook dat bleek onhaalbaar. En tot slot ontbrak er politiek draagvlak voor de plaatsing van grote zonneparken in de A16-zone. Dit alles zorgde ervoor dat de zonneprojecten niet van start konden gaan.

Ondertussen steeg de gasprijs enorm. Er is toen gekozen om te onderzoeken of sportclubs en buurthuizen aardgasvrij gemaakt kunnen worden. Deze projecten zijn belangrijk voor de gemeenschap. Ze worden Sleutelprojecten genoemd omdat ze een sleutel zijn die toegang geeft tot de lokale gemeenschap en tot de energietransitie voor deze gemeenschap.

Volgende hoofdstuk

In het volgende hoofdstuk wordt beschreven waarom gekozen is om zowel het experiment met de one-stop-shop als dat met de sleutelprojecten te verlaten en op zoek te gaan naar nieuwe wegen.

Vorige pagina: 7 obstakels
Volgende pagina: Opzet mislukt