Plannen genoeg, accent op realisatie!

In Brabant zijn er (anno 2025) plannen voor de bouw van in totaal bijna 263.000 woningen, waarmee de plancapaciteit op het hoogste niveau ligt sinds het begin van de provinciale (jaarlijkse) inventarisaties, zo’n 20 jaar geleden (zie beeld 7a).

Klik op de afbeelding voor vergroting

Vergeleken met 2024 ligt het planaanbod dit jaar maar liefst 47.000 woningen hoger (+18%). Het overgrote deel hiervan betreft zachte plancapaciteit voor de middellange en vooral de langere termijn (na 2035). Het leeuwendeel van deze toename is terug te vinden in Zuidoost-Brabant, waar de hogere woningbouwaantallen waarvan in het ‘project Beethoven’ wordt uitgegaan, leiden tot het opvoeren van nieuwe, potentiële (dus zachte) bouwlocaties en de aanmaak van nieuwe plannen voor woningbouw.

Van het actuele planaanbod, zo geven de Brabantse gemeenten aan, is ca. 45% (118.000 woningen) voorzien voor de kortere termijn (2025 tot en met 2029). De ‘indicator totale plancapaciteit’ die het planaanbod afzet tegen de benodigde capaciteit – berekend vanuit onze nieuwe provinciale prognose (nov. 2023) – staat hiermee voor die vijfjaarsperiode op liefst 132%. En een groot deel van dit planaanbod is ook al hard. Van de benodigde capaciteit is bijna driekwart (72%) opgenomen in ‘harde plannen’; de onherroepelijke of door gemeenteraden vastgestelde woningbouwplannen.

Wel zijn er regionale en gemeentelijke verschillen, te vinden in onze ‘Monitor bevolking en wonen’. In diezelfde monitor zijn onder meer ook gegevens opgenomen over ‘de betaalbaarheid’ van de woningbouwplannen (beeld 9) en is het planaanbod naar plangrootte nader gespecificeerd, o.a. naar in- en uitbreidingslocaties.

Bestaande plannen ook daadwerkelijk uitvoeren

Kwantitatief gezien zijn er voor de korte termijn – Brabant-breed gemeten – (ruim) voldoende plannen voor de benodigde woningbouwproductie. Het gaat er dan ook niet zo zeer om (nog) meer woningbouwplannen op te stellen. Gelet op de woningbehoefte en de woningtekorten is het veeleer zaak om de bestaande (onherroepelijke en vastgestelde) woningbouwplannen daadwerkelijk en snel(ler) tot uitvoering te brengen. Daar zal de eerstkomende jaren vooral het accent op moeten liggen.

Ook voor de wat langere termijn (de tienjaarsperiode, 2025 tot 2035) lijkt het planaanbod te kunnen voorzien in de Brabantse woningbehoefte. De provinciale prognose-uitkomsten laten tussen 2025 en 2035 een (benodigde) groei van de woningvoorraad zien van ruim 140.000 woningen. Omdat er ook woningen worden gesloopt, is er voor vervangende nieuwbouw eveneens plancapaciteit nodig. Bij elkaar vraagt dit om een planaanbod voor de bouw van bijna 155.000 woningen, de komende 10 jaar. De totale plancapaciteit voor die periode omvat zo’n 205.000 woningen (132% van de benodigde capaciteit), waarvan 74.000 woningen gerekend kunnen worden tot de harde plancapaciteit. Dit laatste betekent, dat van de benodigde capaciteit tussen 2025 en 2035 48% is opgenomen in harde woningbouwplannen (en 72% voor de eerstkomende vijf jaar).

Het planaanbod in Brabant omvat (anno 2025) bijna 263.000 woningen, opgenomen in 4.450 plannen. Gemiddeld heeft een woningbouwplan een grootte van 59 woningen. Het overgrote deel van de plannen (71%) telt minder dan 25 woningen. ‘Slechts’ 10% van de plannen voorziet in de bouw van meer dan 100 woningen, 2% (90 plannen) is groter dan 500 woningen (7b-1).

Kijken we naar de verdeling van het aantal woningen, dan zien we dat in de 71% kleinste plannen maar 11% te vinden is van het totale aantal woningen in het planaanbod. In de 10% grootste plannen zit liefst 71% van het aantal woningen. En in de 2% grootste plannen (>500) zit ruim een derde (36%) van de geplande woningen (7b-2).

Meer weten?

www.brabant.nl/wonen
Privacyverklaring