Arian van Hoof


“Als mediator heb ik oog voor verschillende belangen.”

Waarom vind je de OR belangrijk?

Ik vind de OR een belangrijk als overlegorgaan met de bestuurder. De leden pikken de signalen op die er leven in de organisatie en komen op voor een goede arbeidssfeer onder zo optimaal mogelijke condities. Wat goed is voor de medewerkers is ook goed voor de organisatie als geheel. Als het goed loopt in een organisatie is er heel weinig tegenstelling tussen de belangen van de medewerkers en die van de organisatie. Ik vind het een uitdaging om samen te komen tot besluiten die gedragen worden en waarbij oog is voor ieders belang. Dat zijn de meest duurzame oplossingen voor vraagstukken. Ik zit al jaren in de Medezeggenschap en ook in het Lokaal Overleg en voel me een soort “linking pin” tussen beide overlegorganen. Je mag van mij verwachten dat ik goed voorbereid ben; positief kritisch meedenk en zoek naar win-win situaties.

Waarom ben jij de meest geschikte kandidaat voor de OR?

Ik geloof niet zo in de meest geschikte kandidaat. Ik merk in de huidige OR dat we ieders talent goed kunnen benutten, ook in de verschillende themagroepen die we hebben. Samen vormen we een goed team. Ik werk als mediator voor de provincie en ik denk dat mijn kwaliteit is dat ik oog heb voor de verschillende belangen die er zijn en een goede afweging voor besluiten belangrijk vind. Daar zet ik me voor in. Daarnaast heb ik ook oog voor het proces en het feit dat we concrete afspraken nodig hebben voor een goede afronding.

Wat is het belangrijkste dat je wilt bereiken het komende drie jaar?

Dat we een sociale, slimme en slagvaardige organisatie blijven met oog voor het wel en wee van medewerkers. Zeker in deze corona tijd is het overduidelijk dat aandacht en erkenning voor ieders kwaliteiten zo belangrijk is. Het is een uitdaging om gezien te worden als je thuis aan het werk bent. Voor sommigen zijn de omstandigheden waaronder gewerkt moet worden moeilijk. De organisatie zal moeten blijven inspelen op veranderingen die zich voordoen. Ik zie het als een rol voor de OR om proactief trends te volgen en te agenderen en steeds het perspectief van de medewerker in te brengen.

Wat is jouw favoriete bezigheid in het weekend?

Ik wandel graag met mijn man en kinderen of vrienden in de natuur. Wandelen is een leuke manier om bij te kletsen met daarna een hapje of een drankje. Dat is in deze tijd improviseren omdat ik me wel aan de corona regels wil houden. Maar de verbinding met anderen is voor mij wel heel belangrijk.

Ik heb veel hobby’s: ik lees graag, ga graag naar een goede film in een filmhuis, zwemmen, fietsen, skiën, Spaanse les, bridgen, reizen, muziek (vooral blues en rock), goede gesprekken met anderen en werken in de tuin.

Daarnaast ben ik actief als buurtbemiddelaar voor de gemeente Tilburg, zit ik in een klachtencommissie van een zorginstelling en ben ik actief in de ledenraad van de VGZ.

Welk land zou je het liefst gaan bezoeken zodra het weer kan?

Peru. Mijn man en ik zouden in 1983 3 jaar ontwikkelingswerk gaan doen in Peru, via de Stichting Nederlandse Vrijwilligers, maar dat kon niet doorgaan vanwege de politieke situatie in die tijd. Het is toen Tanzania geworden en het is mijn wens nog eens naar Peru te gaan. Ik volg ook al jaren Spaanse les en voel me verbonden met de sfeer in Latijns Amerika. In Mexico en Argentinië ben ik al geweest.

Welk gerecht komt bij jou het vaakst op tafel?

Ik ben een echte soepmaker en soepeter. Een maaltijd zonder soep is voor mij niet helemaal “af”. In deze tijd komt er regelmatig pompoensoep op tafel waarbij ik ook andere groenten voeg om een gevarieerdere smaak te krijgen: ui, knolselderij, lenteui en wortel. De pompoen even voorkoken in zijn geheel is een aanrader om de schil er goed af te krijgen en het snijden gaat dan makkelijker. Even alles wokken in olijfolie. Wat groentebouillon en water erbij, een beetje ketap en wat peper voor de smaak. Pureren en klaar. Smakelijk!