Marcel Thaens' Datavisie:

'De boodschap is verspreid, nu oogsten.'

Een jaar geleden stond boven een interview met Marcel Thaens, Chief Information Officer bij de provincie: ‘Dit is de tijd: beter wordt het niet’. Tijd om eens te checken hoe het nu gaat, met Marcel en onze eigen ‘dataficering’.

Leuke organisatie

Marcel: ‘Ik vind het leuk werk, ik vind het een leuke organisatie en dan de breedte van de onderwerpen… ik kan me overal mee bemoeien. En het ronkt van de kansen en ambities. Als we nu doorhalen, maken we het ook waar.’ Dat zal hij gedurende ons gesprek nog een paar keer benadrukken.


Maar ook: ‘Spannend is nu welke middelen worden ervoor uitgetrokken. Als je het belangrijk vindt moet je er iets voor over hebben. Als ’t minder wordt kunnen we ook minder doen.'

Marcel: ’Ik ben afgelopen jaar bezig geweest met het verspreiden van de boodschap: Dataficering is belangrijk. Dit staat voor het gebruik van techniek en datastromen om beleidsdoelstellingen vorm te geven. En ik constateer nu dat iedere bestuurder ambities heeft neergelegd in het Bestuursakkoord, die je niet zonder dataficering kunt realiseren. De boodschap is dus ook bij het bestuur en de programmamanagers geland. Daarbij zie je dat ieder thema en beleidsterrein z’n eigen tempo heeft. Smart mobility zonder data bestaat niet, bij andere dossiers is dat minder vanzelfsprekend. Maar: mooi om te zien, we gaan stappen zetten. De (concept-)Datavisie moet nog worden vastgesteld maar heeft al z’n werking in de organisatie.'


Bijna filosofisch

De Datavisie heeft een samenvatting van 15 pagina’s, en een toelichting van 120 pagina’s. Marcel: ‘Ik wilde het een keer opgeschreven hebben. Met bijna filosofische uitgangspunten, maar ook concrete actielijnen. Na 1 jaar informatie ophalen en delen heb ik hem in de zomer besproken met gedeputeerden Renze Bergsma, verantwoordelijk voor de interne, en Martijn van Gruijthuijsen, die gaat over de externe kant van dataficering en digitalisering. De Datavisie verbindt die 2 kanten. Op de GS-heidag in november mag ik er weer over vertellen. Uiteindelijk moet hij daarna door PS worden vastgesteld.


Publieke waarde

Het belangrijkste doel is volgens Marcel het leveren van publieke waarde: wat leveren we nou uiteindelijk aan de buitenwereld? Dat kan efficiënter en effectiever, met meer draagvlak en meer legitimiteit. Het instrument digitalisering en dataficering biedt de kans dat allemaal tegelijkertijd te realiseren.

Marcel Thaens: ‘Hoe gaan we om met onze ICT en digitalisering, wat gaan we allemaal doen? Zo zijn we zijn bezig met het provinciaal datalab: een ontmoetingsplaats voor beleidsmensen en datamensen. Beleidsmensen moeten een idee krijgen wat je met data kan, en andersom moeten datamensen feeling krijgen met de wereld van beleid: waar ligt de behoefte? Met data kan alles, maar met alleen een tabelletje maak je beleidsmensen niet blij. Geef inspirerende voorbeelden, maar stel ook inspirerende vragen.

‘Belangrijk is ook ons eigen datalake. We ontwikkelen dit samen met externe partijen, waarbij we ‘in the cloud’ databronnen opschonen en analyseren. Vervolgens ontwikkelen we instrumenten die er informatie en antwoorden uithalen. Andere organisaties kijken hier vol bewondering naar. ‘Tot slot hebben we ook een samenwerking met het CBS, maar ook met Brabantse partijen als Fontys, JADS, Avans… iedereen die er iets in kan bijdragen. Er is al een brede alliantie!

Ethiek

‘Belangrijk onderwerp in de visie is ethiek. Niet alles wat technisch kan moeten we ook doen, we moeten oog houden voor de grenzen. Dataficering is veelbelovend, maar niet zaligmakend.  Daarom wil ik ook dat de Datavisie op deze aspecten als kaderstellend stuk door PS wordt vastgesteld. Er staat ook in wat we níet doen: we gaan geen algoritmes gebruiken als we niet weten hoe ze in elkaar zitten. Als ze gevolgen hebben voor burgers en bedrijven moeten we dit soort algoritmes niet hanteren.  Dat kunnen we niet uitleggen. Dan gaat het niet om de strooiroutes in de winter, daar vloeit geen bloed uit. Maar over fundamentele dingen moeten we blijven nadenken.


‘Het wordt steeds moeilijker om dat principe vast te houden, want algoritmes zitten overal in en werken ook in op elkaar. Maar als ons dat zelf niet lukt, moeten we daar misschien een externe board voor inrichten die met ons meekijkt. ‘Data zijn ook altijd subjectief: alleen al de keuze data te verzamelen is subjectief. Wat leg je vast? Dat is doorspekt met politieke keuzes, want het betekent ook automatisch dat je andere dingen dus niet gaat vastleggen. Vervolgens ga je tellen, en volgt een subjectief oordeel: da’s veel, of weinig! Ook zonder data maken we die subjectieve keuzes natuurlijk. Maar we moeten niet de illusie hebben dat het straks met data allemaal objectief gebeurt.



Monopolie

'Nog zo’n thema: onze monopoliepositie als overheid op metingen. Die zijn het beste, dat is de waarheid. Geluidsoverlast, fijnstof…. Maar ondertussen hebben ook burgers eigen data, meetinstrumenten, vaak fijnmaziger dan wij hebben. Wat gaan we dan doen? Ik stel voor daarover in gesprek te gaan, kijken wat we samen kunnen doen, onze data vergelijken. Data zijn dan de aanleiding voor een gesprek.’

Burgers moeten worden aangemoedigd om misdaad te melden en vervolgens moeten ze ook weten wat er gebeurt met hun input. Het idee is om een app te ontwikkelen die door middel van gamification melden leuk en veilig maakt, die aangeeft wat mensen moeten doen en wat er gebeurt met hun data. Dit concept kan worden aangevuld met serious game of VR, om het inzicht te vergroten in wat overheidsinstanties precies doen, bijvoorbeeld een serious game, of VR.

Stokpaardjes

'Een stokpaardje: de organisatie heeft behoefte aan een relatiebeheersysteem, een CRM. En dan roepen mensen ORCA en beginnen hard te lachen. Nou hoeft het niet perse een CRM-systeem te zijn, maar er moet wel een slimmere oplossingen gevonden worden voor al die Excellijstjes die rondslingeren. Dat kan gewoon niet meer met de huidige eisen van privacy die de AVG stelt.


‘En nog een: de F en G- schijven. Al 3 jaar roept de provinciale archivaris dat ie niet weet wat er aan archiefwaardig materiaal op die schijven staat. Vanuit de AVG komt de klacht over al die lijstjes met adres en persoonsgegevens. En Informatieveiligheid zegt ze dat met iedereen gedeeld worden, wat niet mag. Daar moeten we mee stoppen. Maar wel pas als de alternatieven goed zijn ingericht: techniek, opleiding en beheer. En ik ben niet van de blauwdruk: één systeem voor de hele organisatie, maar het moet gewoon echt slimmer. Daar is nog een reden voor: de Wet open overheid komt er aan. Binnen een jaar of 3 moeten we actief data openbaar gaan maken. Dat kan niet als die verstopt zit in allerlei netwerkschijven en systemen.

AVG: blijvende aandacht

'In de AVG zijn de regels voor het omgaan met persoonsgegevens vastgelegd. Onze nieuwe Functionaris gegevensbescherming Jill de Groot is goed bezig. Met haar hebben we als speerpunt wat steviger te gaan communiceren in de organisatie. Dat is geen eenmalige activiteit, je moet daar blijvend aandacht voor hebben. En we zijn allemaal nog aan het zoeken naar de reikwijdte. Soms slaat de toepassing van AVG helemaal door, en vaak kan er veel meer dan we denken, bijvoorbeeld voor onderzoeks- en trainingsdoeleinden.

'Vraag is hoe we met behoud van privacy gebruik kunnen maken van technologie. En het is voor een deel gezond verstand. Hoe zou jij willen dat er met jouw privacy omgegaan wordt? Onze drive moet niet zijn de boete, maar het voorkomen van aantasting van privacy. En tot slot: ‘Het zwakke punt in die veiligheid het gedrag van mensen is. Je kunt het niet technisch oplossen. Komend jaar is dat het speerpunt waar Jill mee aan de slag gaat. De afsluiter van Marcel: ‘Het wordt een boeiend en spannend nieuw jaar… maar we zijn goed voorbereid.’

Jan van Gompel

Fotografie: Patrick Tönjes