Frits Jansen neemt afscheid: 'Natuur en landschap én Den Bosch'

Frits Jansen zit na een arbeidsleven van 48 jaar, waarvan 38 bij de provincie, aan de vooravond van zijn afscheid. Formeel is hij al sinds half augustus weg maar zegt hij, ‘Afscheid nemen valt me toch zwaar’. In anderhalf uur vallen een heleboel namen en anecdotes, die zo een beeld geven van de veranderende cultuur bij de provincie.

'Dat bureau heeft de warme gewoonte elkaar allemaal nog uit te nodigen op elkaars afscheid. Dus ze komen allemaal...'

Het begin

Frits trapt af: 'Ik ben in ‘75 bij de marine begonnen. Ik wilde net als mijn vader marinier worden of liever nog bij de onderzeedienst beginnen. Mijn broer is beroeps geworden, een andere broer is ook gaan varen. Maar ik kwam de liefde tegen in Ria, mijn vrouw en dacht als ik 6 maanden ga varen… straks is ze weg! Dus mede daarom kwam ik in het magazijn terecht. Oorspronkelijk wilde ik naar de Sportacademie, ik deed en doe nog veel aan sport. Maar door uitloting, wijzigende toelatingseisen en de opkomstplicht voor de marine is het helaas er niet van gekomen.

Komen we binnen bij een feest met verpleegkundigen, 3 broeders en 22 zusters…

‘De opkomst in dienst was met carnaval. Je kreeg een stereoprik waarna je een week geen bier mocht drinken. Dus binnengebleven, als Oeteldonker in carnavalstijd, ik zeg het nog maar even! Na die week gingen we op stap, in Hilversum was dat. ‘Bij het eerste bordje met Amstel of Heineken gaan we naar binnen’, hadden we afgesproken. Komen we binnen bij een feest met verpleegkundigen, 3 broeders en 22 zusters… daar heb ik Ria ontmoet. En we zijn na 43 jaar nog steeds bij elkaar, samen met 2 fijne zoons, schoondochters en 5 kleinkids.

‘Als dienstplichtige heb ik een mooie tijd gehad, veel gesport, gevoetbald door heel Nederland. In ‘76 kwam ik uit dienst, met alleen maar HAVO. Ik ging werken bij de gemeente Weesp, op paspoorten en rijbewijzen, burgerlijke stand. Toen ben ik toch maar begonnen bij de Bestuursacademie. Na 5 jaar Weesp kon ik kiezen tussen een waterschap en de provincie. De provincie, het onderwerp natuur en landschap én Den Bosch spraken me meer aan. ‘Zo kwam ik binnen op mijn 1e bureau Recreatie Natuur en landschap, RNL van de griffieafdeling RBO, Ruimtelijke Ordening, Bestuurlijke Organisatie en Openluchtrecreatie. Dat bureau heeft de warme gewoonte elkaar allemaal nog uit te nodigen op elkaars afscheid. Dus ze komen allemaal, voor zover ze nog leven. Dan moet je denken aan Hein van Staveren, Lia Nelis, Anton Minneboo, Pieter Wesselink, Ben Timmers, Harrie Remmers, Annemiek Meerman en Paul Schalken.

Er gebeurde wel wat!

Het was de tijd van veel bestuursdwang, we traden hard op, op basis van de Kampeer- en Landschapsverordening, vooral tegen illegale borden en autosloperijen. RNL maakte ook het eerste brede plan voor de toeristische sector. Het was een leuke enerverende baan, er gebeurde wel wat! Een voorbeeld wat me nog bij staat is camping De Zwarte Bergen in Luyksgestel, daar zouden we bestuursdwang toepassen, en iets van 250 tenten en caravans verwijderen. Het bedrijf met de trailers om het op te halen was al onderweg. Er was veel nationale aandacht voor, ook bij TROS Aktua, met het verhaal van: de provincie zou mensen – midden in een natuurgebied, eigenlijk ontoelaatbaar - met een bescheiden inkomen hun vakantie ontnemen. GS hebben toen, naar mijn weten voor het eerst van hun leven, op zaterdag vergaderd en de actie afgeblazen. Ondertussen deed ik een hele dag in de week Hoger Bestuursambtenaar (HBA); 5 jaar lang, dat was pittig. Met Gemeenterecht, economie, privaatrecht, een opleiding die toen bij de lokale en provinciale overheid ongeveer gelijkgeschakeld werd met rechten.

In 1985 verkaste ik naar bureau Waterschappen. De Grondwaterwet ging over van het rijk naar de provincie, wij moesten voortaan grondwatervergunningen verlenen aan waterleidingbedrijven, grote bedrijven, maar ook boeren. Ik heb daartoe een Grondwaterverordening gemaakt en een Grondwaterbelastingverordening, die door bijna alle provincies toen is overgenomen. Die van mij was 20 artikelen, een ander was 180 artikelen! De grondslag daarvoor geldt nog steeds, daar ben ik wel trots op!

De periode Van Agt

In ‘87 zat ik in een soort geheime werkgroep van Grondwater, met mensen van de gemeente Tilburg en ministeries. Het ging over de potentiële vestiging van Fuji: het bedrijf twijfelde tussen Bretagne, Wales of Tilburg. Daar zat het schoonste water! Voor de vergunning, die ik verleende, was een Kroonbesluit nodig. Dat duurde lang. Van Agt was inmiddels commissaris. De directeur van Fuji vroeg waar de vergunning bleef; ik belde daarover naar de afdeling geschillen van de Kroon maar kreeg geen duidelijkheid. Dat gaf ik door aan van Agt. ‘Frits, ik weet genoeg.’ Gelukkig kwam er wat later een positief besluit. Vergeet niet, het betekende werk voor 1000 man, het waren de jaren '80! Een half jaar later lag er een verzoek tot uitbreiding van een golfbaan in het waterwingebied in Tilburg. Ook weer: donkergroen. Iedereen was het erover eens: niet doen. Toen belde mij een hevig ontstemde Guus Brokx, de toenmalig burgemeester van Tilburg. 20 minuten later belt van Agt mij hierover. Ik vertelde de achtergrond en Van Agt zei: ‘Mijnheer Janssen, hier hoort u niets meer van’. Prachtig! Ik vond hem echt geweldig.

De eerste provinciale programma’s

'In 1995 kwam ik als adviseur terecht bij griffier Arthur Modderkolk. Ik werd er ook secretaris van het Algemeen Management Team (AMT). Dat AMT ging eind ‘97 1x per 2 maanden ‘kaatsen in GS’. Let wel, daarvóór was het AMT nooit aangesloten bij GS. Ik werd er wel wijs! Je ziet en hoort veel. In 1998 werd ik bureauhoofd Personeelszaken en directiesecretaris bij de dienst WMV. Dat was leuk werk met Mar van Weel als een prettig, stevig en helder sturend directeur. Na 5 jaar stapte ik ook als bureauhoofd in het eerste programma en - dus los van de lijn - waarin de provincie op grote schaal ging werken, de Reconstructie Landelijk gebied, met Karin Horck en Anneke Boezeman vormden we 3 bureaus onder leiding van Joris van Voorst tot Voorst. Een drukke maar mooie en gezellige tijd met maar liefst 17 van de 32 man op de Hertog Jan Zaal in de nieuwbouw. ‘Daarna maakte ik nog een uitstapje als vestigingsdirecteur van een woningbouwvereniging, maar dat was toch niet mijn wereld, mijn sfeer. Ik kwam weer terug bij de provincie in de Uitvoering Reconstructie rond 2005, onder Paul Rüpp en Annemarie Moons. Daarvoor moest ik in een gesprek met 12 mensen aan één tafel vertellen waarom ik terug wilde naar de provincie, én voor minder geld! Een heel drukke tijd onder leiding van Lia Loesberg en ikzelf als programmamanager Uitvoering met Gerdien de Wal en Miranda Wijnstekers. Doel was Natuur en Landschap, Landbouw, Recreatie en Welzijn-Zorg op een hoger level te krijgen in het Brabantse. Dat is ‘overall’ goed gegaan, denk aan de natuurinvesteringen en de nu nog functionerende zorgboerderijen, behalve met de Landbouwontwikkelingsgebieden, Logs.

'... met heel kundige, enthousiaste en warme collega’s om Brabant totaal wat groener te maken'.

Frits Janssen: 'Ik deed het met veel plezier, ik ga het missen'

Na een tijdje bureauhoofd Vastgoed ging ik 5 jaar naar bureau Natuur en Landschap. Een leuke, drukke tijd met heel kundige, enthousiaste en warme collega’s om Brabant totaal wat groener te maken.

‘Sinds 2014 zit ik bij relatiemanagement, dat moest van Wil Rutten wat steviger neergezet worden. Wij, regionale accountmanagers, zorgen voor de procescoördinatie en -afstemming tussen de regionale en provinciale politiek, de mensen binnen en buiten, en rapporteren GS en vooral de fysiek domeingedeputeerden. De komende Omgevingswet was leidend in onze provinciale bestuurlijke visie. Ik hoop dat sport, cultuur en volksgezondheid ook aanhaken. Als team hebben we samen het accountmanagement echt op de kaart gezet. ‘Ik nam in verschillende functies namens GS deel aan diverse stuurgroepen, zoals de Loonse en Drunense duinen, de Brabantse Wal en de Kempen. Ik was daarom ook regelmatig in het weekend en ’s avonds op pad. Ik deed het met veel plezier, ik ga het missen.

Geweldige werkgever

De provincie had en heeft ook andere leuke dingen. Vroeger de interprovinciale Contactdagen, een zaalvoetbalteam met Roger Schouwenaar, Peter van Beek en Willie Govers in de jaren ‘80. ‘En de feesten hier, prachtig, af en toe te gek voor woorden, met 10 tijgers in de hal, en de jaarlijkse sportdagen, los nog van Spiegel en Carnaval. Iemand die zegt dat de provincie geen geweldige werkgever is moet echt in de spiegel kijken. Mede daarom heb ik het 38 jaar hier uitgehouden! Ik had mijn laatste werkdag op 15 augustus maar ben hier nog vaak geweest. Het afscheid nemen valt niet mee, zeg ik heel eerlijk. Drie dagen werken de laatste paar jaar via de generatiepact-regeling was goed te doen. De cultuur is in huis sinds 1980 wel veranderd, zakelijker geworden, wat natuurlijk niet verkeerd is maar door de grote kantoortuinen minder warm, met daardoor wat minder thuisgevoel. Dat vraagt extra aandacht van huidig management om de voorheen welhaast vanzelf aanwezige binding tussen collega’s terug te krijgen. Goed verbonden collega’s opereren immers beter en het is gezelliger qua sfeer. De pandemie werkt ook niet mee natuurlijk.

En nu?

‘Ik tennis, fitness, golf en fiets. Hardlopen en skiën gaan niet meer door versleten knieën. Maar ik blijf aan mijn conditie werken. Mijn motto: keep fit, en blijf gezond. Dat is niet hetzelfde! Ik ben fit, maar niet heel erg gezond. Een aantal jaar geleden is kanker bij mij geconstateerd. Het gaat nu goed, maar het is elke keer weer spannend bij de controles. Ik hoop dat ik het nog een heel tijdje volhoud. En ja, ik word elke keer heel stil en verdrietig als collega’s om je heen wegvallen.… ‘Ik wil nog Boschlogie gaan doen (kennis van de Bossche geschiedenis) om stadsgids te worden. Kijk wel uit naar het nog meer genieten van de kleinkids en alle andere, leuke dingen van het leven; dat gaat absoluut lukken.

Jan van Gompel

Foto's: John&Monique Claassen