“De Veehouderij Keuzetool levert altijd een gesprek op”


Patrick Swinkels, Harry Post en Rik Scharn

Brabants Omgevings Datalab

Kan het slim verzamelen en analyseren van data helpen bij verbeteren van het toezicht op Brabantse veehouderijen? Dat vroegen drie omgevingsdiensten, de provincie Noord-Brabant en een flink aantal Brabantse gemeentes zich af bij de start van het project Intensivering Toezicht veehouderijen. Het Brabantse Omgevings Datalab ontwikkelde een keuzetool voor een sector in transitie, om het toezicht op veehouderijen sneller en slimmer uit te voeren. Een uniek samenwerkingsproject in de schijnwerpers.

In de pantry van de Omgevingsdienst Brabant Noord is het gezellig. Rik Scharn, Harry Post en Patrick Swinkels treffen elkaar voor een kop koffie en zijn zichtbaar tevreden met het resultaat van ruim 3 jaar intensieve samenwerking. De mannen zijn onderdeel van het Brabants Omgevings Datalab (BOD). Daarin werken data- en informatiespecialisten van de 3 Brabantse omgevingsdiensten* en de provincie Noord-Brabant samen. Een bijzondere, niet-hiërarchische samenwerking van verschillende overheidsorganisaties. Ze verzamelen, analyseren en visualiseren data om inzicht te krijgen in milieuvraagstukken en om van elkaar te leren. Eén van de producten die ze onlangs hebben gerealiseerd, is de Keuzetool Veehouderijen, ontwikkeld voor het project Intensivering Toezicht veehouderijen (ITv). Met dit webportaal wordt de informatie over de gecontroleerde Brabantse veehouderijen in een duidelijk overzicht samengebracht. Handig voor de omgevingsdiensten, de deelnemende gemeentes en de provincie.

Waarom een keuzetool?

Tot voor kort raadpleegden toezichthouders vóór elke controle minstens 8 verschillende bronnen om inzicht te krijgen in de stand van zaken van een veehouderij. Zo checkt een toezichthouder bijvoorbeeld welke vergunningen zijn verleend, welke opslagtanks en stalsystemen de agrariër heeft en of er eerder milieuklachten zijn geregistreerd. De benodigde informatie was op verschillende plekken en vaak in tekstbestanden opgeslagen. ‘Dat kan beter’, dacht Swinkels, adviseur Innovatie en Ontwikkeling bij de Omgevingsdienst Brabant Noord en coördinerend projectleider van het project Intensivering Toezicht Veehouderijen. “In het project ITv wilden we in 3 jaar tijd alle veehouderijen van Brabant bezoeken en op een uniforme manier beoordelen. Om dat doel te behalen was het heel belangrijk dat we op een eenduidige manier informatie verzamelden, vastlegden en analyseerden.” Swinkels zag in de praktijk duidelijk dat agrarisch-milieutoezichthouders veel tijd kwijt waren om alle benodigde informatie te verzamelen. “Er was duidelijk behoefte aan om dat beter te stroomlijnen.” Daarom werkte het Datalab de afgelopen jaren aan de Veehouderij keuzetool. In die database werd niet alleen de data verzameld voor het project ITv, maar ook andere relevante milieu-informatie van Brabantse veehouderijbedrijven.

Risicogericht controleren

Volgens Swinkels is al deze data ook nodig om het toezicht op veehouderijen gerichter te kunnen uitvoeren. Elk bedrijf werd tot voor kort op dezelfde manier behandeld. Maar met behulp van alle informatie in de keuzetool, is het mogelijk meer risicogericht te controleren. Dat wil zeggen: de veehouders die zich keer op keer aan de regels houden, hoef je minder vaak te controleren dan de veehouders die vaker een overtreding krijgen. “Het project ITv heeft heel veel informatie opgeleverd, die we kunnen gebruiken om in de toekomst veel beter toezicht te houden,” zegt Swinkels. De Veehouderij Keuzetool kan uit de schat aan data bepaalde risico-indicatoren ophalen. Met andere woorden: welke factoren spelen mee in het ontstaan van een milieurisico in deze sector? Een voorbeeld van een risicofactor is het aantal verschillende stalsystemen dat een bedrijf heeft. Elk systeem vraagt om een bepaalde manier van beheer en onderhoud. “Hoe meer verschillende stalsystemen een bedrijf heeft, hoe vaker we overtredingen zien,” aldus Swinkels. “Ook de aanwezigheid van bepaalde voorzieningen zoals een mestsilo’s, asbest daken of leegstaande stallen kunnen indicaties zijn voor bepaalde milieurisico’s. Daar kunnen we met de komst van de keuzetool beter op inspelen.”

Hoe meer data, hoe meer vragen

“Maar pas op hoe je de keuzetool gebruikt,” zegt Harry Post, projectleider digitalisering Vergunning, Toezicht en Handhaving bij de provincie Noord-Brabant. “Dit is geen wetmatigheid. Het is geen dashboard waar je met een druk op de knop precies ziet hoe het in elkaar zit. Er komen steeds weer nieuwe vragen op als je de data gebruikt en koppelt.” Hij geeft een voorbeeld: “Als je heel veel overtredingen ziet op één bepaald onderdeel, kan dat ook iets zeggen over je eigen organisatie. Hoe strikt zijn de regels en hoe goed leggen we die als overheid eigenlijk uit? Het kan een spiegel zijn voor je eigen organisatie.” “Data geeft inzicht,” vult Rik Scharn aan. Hij is data-analist en data-scientist bij de Omgevingsdienst Brabant Noord. “Welke inzichten jij eruit wil halen, is afhankelijk van de vragen die je stelt. Ben je op zoek naar risico’s, dan kijk je waar de overtredingen in het verleden of de afstand van een veehouderij ten opzichte van iets anders. Als je wil zien hoe wij het als organisatie doen, dan kijk je naar welke scores we uit de controles halen.” Om de kwaliteit van de controles en daarmee de data te verbeteren, krijgen de toezichthouders meer instructies om de landelijke handhavingsstrategie (LHS) beter toe te passen. Swinkels vult aan: “Het uitgangspunt is dat we de LHS allemaal op dezelfde manier toepassen. Maar is dat ook zo? Wat laat de data zien? Waar zien we mogelijke afwijkingen, hoe komt dat, en waar kunnen we verbeteren? Data en data-analyse kan een belangrijke rol spelen bij het verbeteren van de kwaliteit van ons werk.”

Datakwaliteit

Datakwaliteit is voor het Brabants Omgevings Datalab ontzettend belangrijk. Swinkels: “Nu we de data op een rij zien en ze willen koppelen, merken we dat we met de kwaliteit van de data echt nog een goede slag kunnen maken.” Scharn is het daarmee eens: “Ik weet dat er nog heel veel te winnen valt en dat is de mooiste insteek die je kan hebben. De organisatie leert echt mee. De landelijke handhavingsstrategie gaat uit van overtredingen, dus een score is altijd gebaseerd op de dingen die fout zijn gegaan. Een veehouder die zich altijd aan de regels houdt, heeft dus geen score. Datakwaliteit zit ‘m niet alleen in dingen die genoteerd zijn, maar ook in de dingen die goed zijn gegaan. Die mag je los benoemen en dat gebeurde eerder nog niet.”

Data als gesprekstof

“De data zegt niet: dit is goed en dit is fout,” gaat Scharn verder, “maar: dit zien we veel en dat zorgt voor gespreksstof. Moeten we bijvoorbeeld de hoeveelheid overtredingen beoordelen, of kiezen we ervoor om alleen de hoogste score te bekijken? Het is allemaal grijs gebied waarin je voortdurend in gesprek blijft over hoe je de data kunt gebruiken.” Post is het eens met Scharn: “Data is niet objectief. Je stelt een bepaalde vraag, maar de data die opkomt in de keuzetool is maar een gedeelte van de werkelijkheid. Veel dingen weten we gewoon niet. Rik zei het net al: het biedt met name een gespreksonderwerp en dat gesprek zorgt ervoor dat we steeds scherper kunnen werken.”

Tekst door Marjolein Bezemer