‘Elke dag gaat de mest de stal uit’


BEDRIJFSPROFIEL Bij Rob van der Zanden zijn 325 zeugen (deels gesloten). Op dit moment liggen 128 vleesvarkens, 400 biggen, 16 zeugen en 20 dragende zeugen op dagontmesting. Eén stal van 2000 dieren voldoet nog niet aan de eisen. Het doel is om ook die om te bouwen naar dagontmesting. Hetzelfde geldt voor de stal met luchtwassers. STALSYSTEEM: Dagontmesting (De Hoeve BV.)

‘Een wereld van verschil’: zo noemt de Volkelse varkenshouder Rob van der Zanden (35) de verandering sinds zijn bedrijf meedoet aan een bijzondere proef. De mest die zijn varkens produceren, wordt nog dezelfde dag uit de stal gehaald. ‘Over twee jaar wil ik compleet zijn overgeschakeld op dagontmesting.’

Proef met dagontmesting

Rob van der Zanden was een van de drie Brabantse boerenbedrijven die begin 2020 een proef begonnen met dagontmesting. ‘Mijn vader en ik zagen het wel zitten om eraan mee te doen,’ vertelt Van der Zanden. ‘Want je moet eerst iets verdienen voordat je kunt investeren in duurzaamheid. Door mee te doen aan deze proef, kunnen we alle elementen op elkaar afstemmen. Hoe gezonder onze werkwijze, hoe beter onze dieren groeien, terwijl de medicijnenkosten laag blijven. Door minder antibiotica te gebruiken en te sturen bij de bron kunnen we het resultaat verbeteren.’

Op zoek naar andere oplossingen

De proef in Volkel is een initiatief van De Hoeve BV, dat landelijk innovaties stimuleert, ontwikkelt en implementeert in de varkenssector. Rob van der Zanden sloot zich in 2015 aan bij De Hoeve. ‘Toen eenmaal duidelijk werd dat de varkens het niet goed deden in de luchtwasserstallen, gingen wij op zoek naar andere oplossingen,’ vertelt Marion Kunstt-Verhoeven, die bij De Hoeve leiding geeft aan de certificeringen. ‘De verbetering moest gericht zijn op de omgeving van het dier en op de boer die daar werkt.’ Voor Rob van der Zanden is het nog te vroeg om het effect van dagontmesting op dier en mens te kunnen meten, maar bij De Hoeve hebben ze dat wel al gedaan. ‘In ons demobedrijf ligt 90 procent van de dieren op dagontmesting,’ zegt Marion Kunstt-Verhoeven, ‘en daar zien we enorme verschillen in diergezondheid. Het antibioticagebruik is er teruggebracht tot nul. Dat kun je alleen realiseren als de omgeving gezond is. De eerste metingen bij vleesvarkens en biggen zijn veelbelovend: we halen 85 procent emissiereductie, plus 80 procent methaanreductie en 60 procent geurreductie.’

Sturen bij de bron

‘Sturen bij de bron’, zoals Rob van der Zanden het noemt, hoe ziet dat eruit bij dagontmesting? Vooraan in het hok ligt een (composiet) rooster. Daar staat de voerbak en kunnen de varkens drinken. De vloer is dicht en bol. Achteraan in het hok liggen metalen roosters boven een smalle mestput. Onder de roosters wordt de mest opgevangen in een kunststof goot. De mest wordt er dagelijks uitgespoeld. Bij het spoelen van het mestkanaal gaat de mest door een pomp met een versnijder, die de mest weer in het kanaal pompt. Gedurende een bepaalde tijd wordt er mest rondgepompt; zo wordt het kanaal goed leeggespoeld. De duur van het spoelproces wordt op maat ingesteld.

Geleerde lessen

Rob van der Zanden heeft nu bijna een jaar met dagontmesting gewerkt en hij kent het ‘door en door,’ zoals hij het zelf omschrijft. Daardoor heeft hij ook al kunnen meedenken over verbeteringen. ‘Aanvankelijk vingen we de mest op in bakken. Maar dan was het schoonmaken en leegmaken best lastig. Nadat we overstapten op goten hebben we dat opgelost. Bijkomend voordeel was dat de emissie daardoor nog verder daalde.’ Wat ze bij De Hoeve ook hebben geleerd, is dat dagverse mest ook echt dagvers moet zijn. ‘In het begin spoelden we niet elke dag,’ zegt Marion Kunstt-Verhoeven. ‘Maar dagverse mest gedraagt zich niet zoals oude mest. Op de tweede dag kunnen al schadelijke stoffen ontstaan en stijgen emissies. Daar hebben we lang op gepuzzeld. De oplossing bleek te zijn om niet meer te spoelen met water, maar met de dunne fractie. Dat leverde meer massa op om alles naar buiten te spoelen. En dagverse mest heeft nog geen emissie.’

Sluitende kringloop

Dat brengt ons bij een groot voordeel van dagverse mest: de methaan die vroeger al in de stal vrijkwam, blijft nu in de mest en kan dus worden vergist. ‘Vandaar dat wij een mestvergister hebben ontwikkeld,’ zegt Marion Kunstt-Verhoeven. ‘Uit de vergiste mest komt biogas, daar laten we een warmtekrachtkoppeling op lopen. De warmte die dat oplevert kunnen we terug het bedrijf invoeren. Zo sluit je de kringloop op je eigen boerderij.’ Rob van der Zanden kan niet wachten tot de vergister op zijn bedrijf wordt geïnstalleerd, want op dit moment voert hij de mest nog maandelijks af naar een mestverwerker. ‘Ik wil zorgen dat dit bedrijf compleet overgaat op dagontmesting,’ zegt hij stellig. Wanneer hoopt hij dat het zover is? ‘Morgen!’ antwoordt hij lachend. En wanneer denkt hij dat het zover is? ‘Ik schat over een jaar of twee.’ ‘Ja, dat is realistisch, denk ik,’ reageert Marion. ‘Rob wil graag, we hebben subsidies aangevraagd die een zetje in de goede richting kunnen geven. Dus ik denk dat dat zeker haalbaar is. De proef die loopt, is gefinancierd door de provincie Noord-Brabant en moet uiteindelijk resulteren in een erkend stalsysteem. Het ombouwen van een luchtwasserstal naar een dagontmestingstal is nog nergens gedaan en dat kunnen we hopelijk met landelijke subsidie doen.’

Omgevingsdialoog

Behalve met de aanpak van dagontmesting is er nog iets waar Rob van der Zanden blij van is geworden: het feit dat hij in gesprek ging met de omgeving. ‘Ik hoorde links en rechts geluiden van buren die vroegen: “Jullie kunnen zelf wel enthousiast zijn over het nieuwe systeem, maar wie zegt ons dat het ook echt gerealiseerd wordt?” Daarom nodigde ik in een straal van vijfhonderd meter al onze dertig buren uit om samen met ons bij De Hoeve in Valkenswaard te gaan kijken in de proefstal. Ik regelde een bus, ontsmette ieders kleding en hup, daar gingen we. Dat was in augustus 2019.’ Het effect was verbluffend, zegt Van der Zanden met een stralend gezicht: ‘Ze stonden versteld dat het zo kan. De burgers die soms negatief denken over de varkenshouderij, konden we meenemen in het project. Ze waren allemaal positief en vonden het goed dat ik met dit initiatief bezig ben.’ Marion Kunstt-Verhoeven: ‘Het is niet fijn als ze over je bedrijf zeggen dat het stinkt. Je doet hartstikke je best om dat te verhelpen en als je dan kunt laten zien hoe je het zou willen, is dat geweldig.’ Van de Zanden: ‘Eerst zeiden ze: “Jij wilt alleen maar meer varkens.” Maar naderhand prezen ze het initiatief. Als de mensen het zelf zien, doet dat wonderen.’ En wat is het antwoord op de vraag of Van de Zanden straks meer varkens wil? ‘Geen idee. Eerst ga ik zorgen dat de leefomgeving goed op orde is voor dier en mens. Dan kijken we verder.’