4. Particuliere woningeigenaren

Particuliere woningeigenaren kunnen zelf hun huis verduurzamen. Dit betekent bijvoorbeeld investeren in de isolatie van het dak, de vloer en de spouwmuren. Eventueel aanschaffen van zonnepanelen en op de lange termijn wellicht de aanschaf van een warmtepomp. En dat kost geld. Voor een groot deel van de particuliere woningeigenaren zijn de investeringen die nodig zijn voor het verduurzamen van de woning niet eenvoudig op te brengen. Daarbij komt dat voor hen de gangbare financieringsconstructies (subsidie of lening) niet toegankelijk zijn, bijvoorbeeld omdat deze om een voorfinanciering vragen of dat de totale leenruimte al benut is. In hoofdstuk 7 wordt er uitgebreider stil gestaan bij de financierings(on)mogelijkheden voor particuliere woningeigenaren. Uit gevoerde gesprekken in Breda en Bernheze kwam eveneens naar voren dat woningeigenaren liever sparen dan lenen voor verduurzaming van hun huis.

Sluit aan bij lokale gebeurtenissen

Aan de buitenkant van een huis kun je niet af zien of er een huishouden woont dat het financieel niet breed heeft of dat moeite heeft om de energierekening te betalen. Hierdoor is het niet eenvoudig om woningeigenaren met een smalle beurs te vinden. De verduurzaming van de woningen moet vanuit de particulieren zelf komen, maar de gemeente heeft nu weinig zicht op deze doelgroep. Tevens moeten de genomen verduurzamingsmaatregelen wel aansluiten op de (lange termijn) plannen van de gemeente. Het blijkt erg lastig om zonder een concrete aanleiding (bijvoorbeeld een op handen zijnde groot onderhoud in de wijk door de woningcorporatie, of het proces voor de aanvraag van een aardgasvrije proeftuinwijk) bij particulieren aan te bellen om het gesprek met ze aan te gaan over verduurzaming. Drie pilotgemeenten hebben zich in EVI gefocust op particuliere woningeigenaren. De gemeenten Breda en ‘s-Hertogenbosch hadden een lokale aanleiding om het gesprek met de woningeigenaren aan te gaan, gemeente Bernheze had dit niet. Bij de pilots met een lokale aanleiding kwam de projectgroep gemakkelijker in gesprek dan bij de pilot waar deze aanleiding er niet was. Een aanleiding kan bijvoorbeeld ook het verbeteren van de veiligheid, bereikbaarheid of sociale cohesie in een wijk zijn. Vandaar dat een integrale aanpak belangrijk is.

Nieuwsgierig zijn

Voor mensen die vanuit technische hoek al langer met dit onderwerp bezig zijn, is het vaak al lang duidelijk wat er aan maatregelen nodig is om een woning op de energietransitie voor te bereiden. De kennis die veelal ontbreekt is wat de motivaties en barrières zijn van mensen om die maatregelen ook daadwerkelijk te treffen. Het is daarom van belang om oprecht nieuwsgierig te zijn naar wat particuliere woningeigenaren, die krap bij kas zitten, nodig hebben om aan te sluiten bij de energietransitie. In Breda hebben we ingezet op open gesprekken op straat over energiemaatregelen met de vragen ‘Wat doe je al?’, ‘Wat wil je doen?’ en ‘Wat heb je daarvoor nodig?’ Bewoners vertelden dat ze liever sparen dan lenen om aanpassingen aan hun woning te bekostigen. Daarbij willen ze liever zelf de werkzaamheden uitvoeren omdat dit kosten bespaart. De beschikbare leen- en subsidieregelingen sluiten hier niet bij aan. Daar gaat de gemeente Breda nu mee aan de slag.

Gesprekskaarten om kennis te maken en in gesprek te gaan over de persoonlijk en financiële situatie.

Aansluiten bij leefwereld

Om in gesprek te gaan met particuliere woningeigenaren over verduurzamingsmaatregelen, is het goed om aan te sluiten bij de leefwereld van mensen. Uit de gesprekken die met huurders én woningeigenaren in Breda zijn gevoerd, kwam naar voren dat ze best welwillend staan tegenover verduurzaming, maar dat kostenbesparing en wooncomfort bovenaan staan. Het is toegankelijker om het gesprek te voeren over de energierekening, tocht, vocht, hitte, comfort en gezondheid dan over klimaat, duurzaamheid en CO2 uitstoot.

Vertrouwen creëren

In de pilots in zowel Breda als Bernheze komt naar voren dat het creëren van een vertrouwensband enorm belangrijk is. Dat houdt in het op een persoonlijke manier contact maken en contact onderhouden met bewoners, over de voortgang van het project, maar ook als er tijdelijk weinig gebeurt in het project. Bij het scheppen van een vertrouwensband moet duidelijk blijven wat het doel is van het project en dat de gemeente en betrokken partijen geen commercieel belang hebben. Zowel in Breda als in Bernheze hadden bewoners op een bepaald moment het gevoel dat er commerciële belangen meespeelden. In Bernheze kreeg het deelnemende huishouden vanuit de pilot drie energieadviseurs op bezoek om in kaart te brengen wat er in de woning nodig en mogelijk is. De drie adviseurs pakten hun gesprek op drie verschillende manieren aan, waardoor er binnen de pilot geleerd kon worden van de aanpak van de adviseurs en de adviezen richting bewoners. Hierbij kregen de bewoners soms het gevoel dat deze energieadviseurs dit vanuit hun eigen financiële belang deden en minder vanuit het perspectief van het huishouden. De financieel adviseurs hadden in deze pilot voornamelijk belang bij het leren van de casus. In Breda konden mensen met de digitale tool WoonConnect de energiemaatregelen aan hun woning doorrekenen. Sommigen dachten dat hierop een commercieel aanbod over bijvoorbeeld de aanschaf van zonnepanelen zou volgen. Dit komt ook omdat aanbieders van zonnepanelen zich andersom vaak voordoen als ‘partner van’ de gemeente.

Belemmeringen in de pilots

De pilots die zich richtten op particuliere woningeigenaren liepen tegen een aantal obstakels aan die de pilot bemoeilijkten.

  • Het vinden van huishoudens die mee wilden doen viel niet mee. Het is voor gemeenten niet altijd duidelijk welke huishoudens een eigen woning hebben en financieel krap zitten. Als ze dit al weten, speelt het probleem van de AVG en mogen adressen niet doorgegeven worden.
  • Wat het ook lastiger maakt om huishoudens te vinden is de schaamte die leeft onder mensen als ze weinig te besteden hebben. Ze willen liever niet met hun situatie naar buiten treden.
  • Daarnaast kan ook algemeen wantrouwen richting de overheid een belemmering vormen in het vinden en benaderen van particuliere huishoudens.
  • Het uit laten voeren van energiescans is vrij prijzig (varieert grofweg tussen € 600 en € 2.000) en is voor huishoudens met een smalle beurs niet te betalen.
  • De huidige energiescans zijn vaak lastig te begrijpen. Het is van belang dat er wordt meegedacht met zaken als: Wat kan je zelf al doen? Zijn er betaalbaardere alternatieven? Welke maatregelen kan je als beste als eerste uitvoeren?

Belemmeringen om deel te nemen aan de energietransitie

Ook als mensen goed geïnformeerd zijn over het verduurzamen van hun woning, weten ze vaak niet waar ze moeten beginnen. De informatie is teveel of te complex. Het zou goed zijn als er de mogelijkheid komt om hen te ontzorgen of te ondersteunen. Hierbij wordt het verduurzamingstraject uit handen genomen en vindt de begeleiding in stapjes plaats. Het grootste obstakel om momenteel deel te nemen aan de energietransitie, is voor veel particuliere eigenaren de financiering. Op dit moment is er nog weinig mogelijk voor particuliere eigenaren met een smalle beurs om hun huis te verduurzamen.

WoonConnect

WoonConnect is een commerciële tool (primair gericht op woningcorporaties, vastgoedbeheerders en ontwikkelaars) die inzichtelijk maakt waar er bespaard kan worden in een woning. Voor deze pilot is deze tool kosteloos ter beschikking gesteld in Breda. We hebben geëxperimenteerd met de inzet van WoonConnect om inzicht te krijgen in de wensen van bewoners rondom verduurzaming. Ook wilden we graag weten of het bewoners helpt om digitaal te zien wat zij kunnen aanpassen aan hun woning en hier een kostenplaatje bij te krijgen. In een persoonlijk vervolggesprek levert WoonConnect bewoners informatie, maar dit zet niet direct aan tot woningaanpassingen. Bewoners gebruiken de tool niet snel uit zichzelf (hebben er ook niet zomaar toegang toe) en het gebruik vergt veel digitale en technische kennis en vaardigheden. Dit maakt de tool ongeschikt voor zelfstandig gebruik, voor een goede toepassing is begeleiding noodzakelijk.

Hoe staat betaalbaarheid op de agenda van de Rabobank?

‘Het is een thema dat nog geen specifieke aandacht heeft binnen de bank. Geldzorgen in het algemeen staat wel op de agenda en het moeilijk kunnen betalen van de energierekening is hier een onderdeel van. Er is binnen de bank de afgelopen jaren wel steeds meer aandacht gekomen voor preventieve hulp. We hebben als bank steeds meer een signaleringsfunctie waarbij het behoeden voor een betalingsachterstand ons doel is. Een speerpunt van de Rabobank is een financieel gezond leven voor iedereen. Daarmee bedoelen we dat iedereen mee moet kunnen doen in de maatschappij.’

"We denken graag mee, maar zijn ook gebonden aan regelgeving" Rabobank – Productmanager duurzaam wonen