Plannen genoeg, accent op realisatie!

In Brabant zijn er (anno 2024) plannen voor de bouw van in totaal ruim 215.000 woningen, waarmee de plancapaciteit zo’n 20.000 woningen (10%) groter is dan in 2023 en op het hoogste niveau ligt sinds 2008 (zie beeld 7a). Bijna 54% van het planaanbod (115.800 woningen), zo geven de Brabantse gemeenten aan, is voorzien voor de eerstkomende vijf jaren (2024 t/m 2028).
De ‘indicator totale plancapaciteit’ die het planaanbod afzet tegen de benodigde capaciteit – berekend vanuit onze nieuwe provinciale prognose (nov. 2023) – staat hiermee voor die vijfjaarsperiode op liefst 135%. En een groot deel van dit planaanbod is ook al hard. Van de benodigde capaciteit is voor de komende vijf jaren 66% opgenomen in ‘harde plannen’; de onherroepelijke of door gemeenteraden vastgestelde woningbouwplannen.
Wel zijn er regionale en gemeentelijke verschillen, te vinden in onze ‘Monitor bevolking en wonen’. In diezelfde monitor zijn onder meer ook gegevens opgenomen over ‘de betaalbaarheid’ van de woningbouwplannen (beeld 9) en is het planaanbod naar plangrootte nader gespecificeerd, o.a. naar in- en uitbreidingslocaties.
Bestaande plannen ook daadwerkelijk uitvoeren
Kwantitatief gezien zijn er voor de korte termijn – Brabant-breed gemeten – (ruim) voldoende plannen voor de benodigde woningbouwproductie. Het gaat er dan ook niet zo zeer om (nog) meer woningbouwplannen op te stellen. Gelet op de woningbehoefte en de woningtekorten is het veeleer zaak om de bestaande (onherroepelijke en vastgestelde) woningbouwplannen daadwerkelijk en snel(ler) tot uitvoering te brengen. Daar zal de eerstkomende jaren vooral het accent op moeten liggen.
Ook voor de wat langere termijn (de tienjaarsperiode tot 2034) lijkt het planaanbod te kunnen voorzien in de Brabantse woningbehoefte. Onze jongste prognose-uitkomsten laten tussen 2024 en 2034 een (benodigde) groei van de woningvoorraad zien van ruim 141.000 woningen. Omdat er ook woningen worden gesloopt, is er voor vervangende nieuwbouw eveneens plancapaciteit nodig. Bij elkaar vraagt dit om een planaanbod voor de bouw van bijna 155.000 woningen, de komende 10 jaar. De totale plancapaciteit voor die periode omvat zo’n 192.000 woningen (124% van de benodigde capaciteit), waarvan 64.500 woningen gerekend kunnen worden tot de harde plancapaciteit. Dit laatste betekent, dat van de benodigde capaciteit tussen 2024 en 2034 42% is opgenomen in harde woningbouwplannen (en 66% voor de eerstkomende vijf jaar).
Het planaanbod in Brabant omvat (anno 2024) 216.200 woningen, die zijn opgenomen in 4.550 plannen. Dat is een gemiddelde grootte van bijna 50 woningen per plan. Bijna driekwart (72%) van de plannen telt minder dan 25 woningen. Nog geen 10% van de plannen voorziet in de bouw van meer dan 100 woningen en maar 1,4% is groter dan 500 woningen (7b-1).
Kijken we naar de verdeling van het aantal woningen, dan zien we dat in de (72%) kleinste plannen maar 14% te vinden is van het totale aantal woningen in het Brabantse planaanbod. En in de 9% grootste plannen zit liefst 66% van het aantal woningen (7b-2).



