Corona-Overbruggingslening (COL) is grote operatie

Door: Jeroen van Oort

Marc Jansen (1969) landt op 10 maart 2020 na een verblijf in het buitenland op Schiphol. Daar is op dat moment nog niet veel te merken van ophanden zijnde pandemie. Langzaam maar zeker begint deze nieuwe ziekte zich in Nederland te ontwikkelen. In Noord-Brabant zijn de scholen dan al wel gesloten, maar verder is er nog niet heel veel te merken. Een paar dagen later is alles anders. Schiphol is nagenoeg gesloten en grote evenementen worden verboden. Nog weer een paar dagen later houdt de minister-president zijn eerste coronatoespraak vanuit het Torentje. In een oogwenk is de wereld volledig veranderd, en de wereld van Jansen veranderde mee. Of toch niet?

Een carrière als financial

Jansen studeerde bedrijfseconomie aan de Universiteit van Tilburg en bouwde daarna een carrière op bij een grootbank, met zo’n beetje elke twee jaar een andere rol. Van accountmanager MKB, kantoordirecteur, het grootbedrijf. Van kleine financieringen tot grotere gesyndiceerde leningen. Van de commerciële kant alsook het risk management. In de kredietcrisis kwam de bank waar hij werkte in woelig vaarwater. Nationalisatie, verplichte splitsing en verkoop aan een buitenlandse partij zorgden ervoor dat de waarde van het bouwen van goede teams, naar eigen zeggen in combinatie met finance dé specialisatie van Jansen, hoog werd gewaardeerd. Tegelijkertijd bouwde hij een team dat achterbleef bij de oorspronkelijke bank en een team dat meeging in de verkoop. Zelf bleef Jansen bij het onderdeel dat werd verkocht.

Wandelen in de Ardennen

Net toen de provincie Noord-Brabant Essent had verkocht en besloten had om veel middelen via de BOM te investeren ten behoeve van de versterking van de Brabantse economie , boekte Jansen een paar dagen Ardennen om na te denken over zijn professionele toekomst. Een kennis hoorde van de wandeldagen in de Ardennen, en benaderde hem: zou de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) niets voor Jansen zijn? Investeren in innovatieve ondernemingen. Jansen was zich ervan bewust dat hij bedrijfseconoom is en weinig verstand had van technologie. En krediet verstrekken is ook wel wat anders dan investeren. Hij besloot de stap te zetten om onder andere de life sciences binnen de BOM te gaan trekken. Maar goed, finance en teams bouwen, dat moest toch lukken? En zo werkt Jansen inmiddels alweer bijna acht jaar bij de BOM.

TOZO en NOW: fantastisch, maar niet voor startups

Direct aan het begin van de coronacrisis heeft de regering royale ondersteuningsmaatregelen als de TOZO en NOW opgetuigd voor het bedrijfsleven. In sommige sectoren beslist geen overbodige luxe. Een belangrijk, in veel regelingen voorkomend criterium is ‘omzetverlies’ ten opzichte van verleden jaar. Voor de startups waar Jansen mee werkt een onoverkomelijke voorwaarde. Immers, startups hebben nauwelijks verleden, en meestal al helemaal nauwelijks omzet.

De Corona-Overbruggingslening

Op vrijdag 3 april 2020 zit Jansen voor het eerst in een Teams-vergadering om samen met andere Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen te bespreken wat er voor de startups gedaan kan worden. Rinke Zonneveld van Innovation Quarter heeft dan al gesproken met het ministerie van EZK om ook een regeling voor startups te maken. Dat werd de Corona-Overbruggingslening.

Dertig dagen werken

In het weekeinde dat volgt zit Jansen thuis te puzzelen wat er allemaal moet gebeuren en hoe een organisatie opgezet kan worden die startups en scale-ups kan helpen. Zijn achtergrond in finance en teambuilding komt als nooit tevoren van pas. Banken zouden startups niet kunnen helpen met leningen, die kennen die wereld niet en kunnen de risico’s daarom niet goed inschatten. Dus staan de ROMs zelf aan de lat. Er moet infrastuctuur komen, een team dat aanvragen kan beoordelen, het is echt een heel grote operatie geweest.

Jansen: “Het was een ongelooflijk intensieve periode. Dertig dagen achtereen werkten we. Door de week wel veertien uur per dag, in het weekeinde, op Goede Vrijdag en Pasen nog altijd acht. In die tijd waren er zeven ROMs, Utrecht was nog in opbouw en Noord-Holland bestond nog niet. Maar verder was er al wel een landelijke dekking. Er kwam uniforme documentatie, we hadden werkgroepen die dat allemaal organiseerden. De ene ROM leverde een jurist, de andere een controller en een derde zorgde voor de organisatie van meetings en verslaglegging, een vierde voor de communicatie en een vijfde voor de IT. Zo deden we allemaal een duit in het zakje. Techleap bouwde het platform waarop de aanvragen konden worden ingediend. Dat platform moest ook nog eens aansluiten op de verschillende systemen die de ROMs zelf gebruiken. Nadat het platform open ging is er op de piekmomenten in april tot en met juli 2020 met wel 150 mensen gewerkt om alle aanvragen te behandelen.”

Aanvraag gesloten, missie geslaagd

Sinds kort is de aanvraagmogelijkheid voor de COL gesloten. In Nederland als geheel maken bijna 1000 bedrijven er gebruik van. In Noord-Brabant vroegen driehonderd bedrijven een lening aan, ongeveer 125 zijn er toegewezen. Daarmee is in Noord-Brabant een bedrag van ongeveer veertig miljoen euro gemoeid.

“Ik ben heel tevreden over de regeling”, zegt Jansen.

“Als je nu terugkijkt, denk ik dat de voorwaarden heel realistisch zijn geweest. Bedrijven die een lening toegekend hebben gekregen voldoen aan de voorwaarden en maken ook echt een goede kans om de coronacrisis te overleven. Deze bedrijven hebben nagedacht over wat hun klanten aan hun producten hebben, over hun businessmodel, ze zouden zich ook onder normale omstandigheden hebben kunnen door ontwikkelen. Ik denk daarom echt dat de leningen de bedrijven helpen, en dat de regeling als geheel een goede noodmaatregel is geweest als ondersteuning van het innovatiebeleid. Missie geslaagd, denk ik. Zonder ons netwerk, de goede samenwerking en de inzet van veel mensen was dit nooit zo snel gelukt.”