Sterkere vergrijzing in landelijk gebied

De vergrijzing neemt in heel Noord‑Brabant toe. Toch gaat dit proces in landelijke gemeenten sneller dan in stedelijke gebieden. Tot 2005 had het landelijk gebied gemiddeld een jongere bevolking. Daarna is dit omgeslagen en wonen er in het landelijk gebied relatief meer ouderen dan in het stedelijk gebied.

* Er is gewerkt met een indeling van gemeenten waarvan de hoofdkern in het stedelijk concentratiegebied ligt en gemeenten waarvan de hoofdkern in het landelijk gebied ligt. De grote steden maken deel uit van het stedelijk concentratiegebied. Tot de grote steden behoren: Breda, Eindhoven, Helmond, ’s‑Hertogenbosch en Tilburg.

Bronnen: CBS‑StatLine, december 2025; Woningmarktmonitor ABF Research, december 2025 | Bewerking: Provincie Noord‑Brabant.

Het aandeel 65‑plussers in landelijke gemeenten steeg van ongeveer 12% in 2000 naar 24% in 2025, een verdubbeling. In stedelijke gebieden liep dit op van 13% naar 20,7%. In de grote steden was de toename kleiner, van bijna 14% in 2000 naar 18% in 2025.

De verschillen hangen onder andere samen met het aanbod van nieuwbouwwoningen, dat jaarlijks op de woningmarkt beschikbaar komt. Woningbouw zorgt voor verhuisbewegingen die vaak leeftijdsgebonden zijn. Zo verhuisden in eerdere jaren veel jonge gezinnen vanuit steden naar suburbane en landelijke gemeenten. Dit heeft op langere termijn geleid tot een sterkere vergrijzing in die gebieden. De binnenlandse migratiestromen van de afgelopen 25 jaar spelen hierbij een belangrijke rol, zie beeld 7.

In stedelijke gebieden, vooral in de grotere steden, groeide de woningvoorraad vanaf de jaren ’90 sterk door nieuwe woningbouw, onder andere in VINEX‑wijken*. Daardoor konden steden weer meer jonge en middelbare leeftijdsgroepen vasthouden en aantrekken.

*VINEX‑wijken zijn grote nieuwbouwwijken aan de randen van steden. Ze werden ontwikkeld in de jaren ’90 en begin jaren 2000 op basis van de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (Vinex, 1991).

Tot 2015 hadden veel landelijke gemeenten te maken met negatieve binnenlandse migratiesaldi. In de praktijk betekende dit dat vooral jongvolwassenen van 15‑30 jaar vertrokken naar steden, terwijl er in andere leeftijdsgroepen te weinig nieuwe inwoners bijkwamen om dat te compenseren. Dit versterkte de vergrijzing in het landelijk gebied. De laatste jaren is dit beeld veranderd: steeds meer landelijke en suburbane gemeenten laten positieve migratiesaldi zien, zie beeld 6.

Ook buitenlandse migratie heeft invloed. Tussen 2020 en 2025 was 75% van het positieve buitenlandse migratiesaldo van Brabant afkomstig van mensen jonger dan 35 jaar. Dit remt de vergrijzing enigszins, vooral in de grotere steden.

65‑plussers op de kaart van Brabant

In 2025 bestaat 21,6% van de Brabantse bevolking uit 65‑plussers. Hiermee is Brabant iets grijzer dan Nederland als geheel (20,8%). Binnen de provincie zijn regionale verschillen zichtbaar: West‑Brabant‑West heeft met 23,7% het hoogste aandeel ouderen. De Stedelijke Regio Breda‑Tilburg (21%) en Zuidoost‑Brabant (21,1%) hebben naar verhouding de minste ouderen.

Op gemeenteniveau vallen vooral de grote steden op met relatief lage percentages ouderen. Eindhoven (16,4%), Tilburg (17,6%), Helmond (18,5%), Breda (19,6%) en ’s‑Hertogenbosch (19,7%) vormen de vijf gemeenten met het laagste aandeel 65‑plussers. Vooral aan de zuidkant van de provincie liggen gemeenten met juist een hoog aandeel ouderen, vaak rond de 25% of hoger. Baarle‑Nassau is met bijna 28% de meest vergrijsde gemeente van Brabant.

Deel deze pagina via