BEELD 1

GEMIDDELD KINDERTAL PER VROUW

Het gemiddeld aantal kinderen dat vrouwen krijgen in Nederland en ook in Babant, ligt al sinds het midden van de jaren '70 van de vorige eeuw onder het zogenoemde vervangingsniveau. Gemeten vanaf 2000 lag het gemiddeld kindertal in onze provincie lange tijd zo tussen de 1,7 en 1,8, maar is de laatste jaren (verder) afgenomen tot ca. 1,55 in 2019. Deze recente daling betekent overigens niet, dat vrouwen minder kinderen (gaan) krijgen, maar wel dat het krijgen van kinderen (steeds verder) wordt uitgesteld tot op latere leeftijd. Vaak wordt hierbij een verband gelegd met de flexibilisering van de arbeidsmarkt, waardoor nieuwe generaties jongeren minder snel ‘gesetteld’ raken. Maar ook de (gespannen) situatie op de woningmarkt kan een rol spelen. Het al dan niet slagen van de zoektocht naar (geschikte) woonruimte is van invloed op de huishoudensvorming en daarmee vaak ook op het al dan niet krijgen van kinderen. In onze provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognose (sept. 2020) is – in lijn met CBS-veronderstellingen – ervan uitgegaan, dat het kindertal de komende jaren weer iets zal oplopen, tot een niveau van om en nabij de 1,7 vanaf 2030. Daarmee ligt de vruchtbaarheid onder het niveau om de huidige en toekomstige generaties te kunnen vervangen. Daarvoor moet het gemiddeld kindertal op het vervangingsniveau van 2,1 liggen. Als gevolg hiervan zal de natuurlijke aanwas op termijn omslaan in een natuurlijke afname (meer sterfte dan geboorte) en zal de bevolkingsgroei meer en meer bepaald worden door binnenlandse en (vooral) buitenlandse migratie-ontwikkelingen.

Kindertal ligt onder het vervangingsniveau

* Het totaal vruchtbaarheidscijfer kan worden opgevat als het gemiddeld aantal kinderen dat een vrouw krijgt, als de in het betreffende jaar waargenomen leeftijdsspecifieke vruchtbaarheidscijfers gedurende haar leven zouden gelden.

Bron: CBS-Statline, mei 2021; bewerking: Provincie Noord-Brabant. De gegevens over 2020 zijn voorlopig.