Klopt het dat het planaanbod op binnenstedelijke locaties de laatste jaren is toegenomen?

Klopt het dat het planaanbod op binnenstedelijke locaties de laatste jaren is toegenomen?

Ja, dat klopt. De laatste jaren zien we in Brabant een duidelijke toename van de capaciteit op binnenstedelijke locaties (F10). Tot 2014 nam het percentage woningen op inbreidingslocaties af, tot iets meer dan 54% van het totale planaanbod voor woningbouw. Daarna zit dat percentage weer behoorlijk in de lift. Inmiddels is 64% van het planaanbod voorzien op een inbreidingslocatie in steden en dorpen.


De toename van het totale planaanbod van 122.000 woningen in 2017 naar 128.000 in 2018 (+6.000 ) (F5 bij vraag 4) komt volledig voor rekening van capaciteit op inbreidingslocaties. Per saldo is het binnenstedelijk planaanbod in 2017 met 9.000 woningen (netto) toegenomen.

Omdat er vorig jaar ook 9.000 woningen op binnenstedelijke locaties zijn gerealiseerd, ligt de (bruto) toevoeging van nieuwe inbreidingscapaciteit beduidend hoger (ca. +18.000).


Het grotere planaanbod op inbreidingslocaties hangt samen met de sterk toegenomen aandacht voor (integrale) gebieds- en transformatieopgaven binnen onze steden en dorpen. Hierbij wordt vooral ook gekeken naar de mogelijkheden, die de nog altijd grote behoefte aan nieuwe woonruimte biedt voor het versterken van de ruimtelijke kwaliteit op binnenstedelijke locaties.

Deze (beleids)lijnen vormen ook een stevig fundament van onze Brabantse Agenda Wonen. Hierin is het ‘accent op duurzame verstedelijking’ een van de vier actielijnen. Bovendien is als een van de zes richtinggevende principes opgenomen: “het woningbouwprogramma optimaal in te zetten op (toekomstige) binnenstedelijke locaties – inbreiden, herstructureren, transformeren – en op het herbestemmen van leegstaand en leegkomend kantoor-, winkel- en ander vastgoed, met als uitgangspunt dat zorgvuldig ruimtegebruik voor zuinig ruimtegebruik gaat”.


Ruim baan voor goede binnenstedelijke plannen

Omdat veel andere vastgoedmarkten per saldo nauwelijks groeien of zelfs krimpen, wordt bij binnenstedelijke ontwikkelingen vaak gekeken naar ‘wonen’ als nieuwe bestemming. Binnen een duurzaam verstedelijkingsbeleid is het dan ook van belang het woningbouwprogramma stevig te verbinden met de (her)invulling van binnenstedelijke locaties en het herbestemmen van leegstaand vastgoed. Nu kan het nog want in de komende 10-15 jaar ligt er nog een flinke opgave om ruim 120.000 woningen aan de voorraad toe te voegen. Dat is liefst driekwart van de opgave tot 2050!


Daarom geven we ruim baan voor ‘goede plannen’ binnen het bestaand stedelijk gebied van steden en dorpen. Dat is ook een belangrijk richtinggevend principe in de Brabantse Agenda Wonen: “ruim baan voor woningbouw op geschikte inbreidings-, herstructurerings- en transformatielocaties en in leegstaand vastgoed, die aansluit op een actuele vraag en snel in aanbouw wordt genomen”. Om ook langs deze lijn bij te dragen aan versnelling van de woningbouwproductie.


Inventariseren van transformatiepotenties

Urgentie en opgaven zijn groot. Daarom is vanuit de Brabantse Agenda Wonen gestart met het inventariseren van transformatiepotenties in onze steden en dorpen. Doel is om gezamenlijk en op systematische wijze de (toekomstige) mogelijkheden voor woningbouw op binnenstedelijke locaties in beeld te krijgen en actueel te houden. Want ook de komende tijd blijven zich nieuwe locaties en opgaven aandienen.


Een beeld dat ook helpt om ruimtelijke keuzes op de woningmarkt beter af te wegen en te onderbouwen en in (sub)regionaal verband afspraken te maken over de betekenis hiervan op de regionale en gemeentelijke woningbouwplanning en -programmering.


Deel op social media